Motoren: onderdelen en techniek

Een motor is samengesteld uit een heleboel onderdelen die samen (als alles goed is) voor een rijdend geheel zorgen. Op deze pagina laten we kort enkele van de belangrijkste en meest in het oog springende onderdelen van de motorfiets de revue passeren. Daarbij wordt waar nodig ook een beknopte toelichting op de achterliggende techniek gegeven.

Frame

Het frame is in feite het geraamte van de motorfiets. Het is het dragende deel van het voertuig waar alle andere onderdelen aan vast zitten. De meeste motorframes zijn gemaakt van staal of aluminium. De vorm (geometrie) en stijfheid van het frame hebben invloed op de rijeigenschappen van de motorfiets.

Motor

De motor is het kloppende hart van de motorfiets. Dit is het gedeelte waar de energie die vrijkomt bij de verbranding van de brandstof wordt omgezet in bewegingsenergie. Deze beweging vervolgens omgezet in een beweging van de gehele motorfiets. Er zijn in principe vier verschillende typen motoren die in motorfietsen worden toegepast: de tweetaktmotor, de viertaktmotor, de wankelmotor en de dieselmotor.

Motor van een Harley-Davidson

De twee- en viertaktmotor maken gebruik van zuigers en cilinders: de energie die vrijkomt bij de verbranding van een lucht-brandstofmengsel wordt (via de druk die hierdoor gegeneerd wordt) omgezet in de beweging van zuigers in cilinders.

Bij een tweetaktmotor worden hierbij steeds twee stappen doorlopen: de arbeidsslag en de compressieslag. Bij een viertaktmotor gaat het om vier stappen: de inlaatslag, de compressieslag, de arbeidsslag en de uitlaatslag. Een viertaktmotor is complexer en levert relatief weinig vermogen, maar is wel efficiënter en gaat langer mee.

Een wankelmotor (of rotatiemotor) is een motor zonder zuigers of cilinders. In plaats daarvan wordt gebruikgemaakt van een min of meer driehoekige rotor in een trommel waarin het brandstof-luchtmengsel tot ontploffing wordt gebracht (wat de rotor laat draaien). Een wankelmotor is licht en eenvoudig, maar verbruikt relatief veel olie en benzine.

Ook de dieselmotor wordt wel toegepast bij motorfietsen en werkt dan gewoonlijk via het viertaktprincipe. Het grote verschil met de benzinemotor is dat het lucht-brandstofmengsel bij compressie spontaan ontbrandt. Er is geen bougie nodig om voor ontsteking te zorgen, zoals in een benzinemotor. Een dieselmotor is slecht voor het milieu, lawaaierig en levert relatief weinig vermogen. Daar staat tegenover dat de brandstof goedkoop is en de techniek betrouwbaar en duurzaam is.

Aandrijving

De in de motor gegenereerde beweging van de zuigers of rotor wordt via de krukas en het versnellingssysteem doorgegeven naar het achterwiel van de motorfiets. Er zijn 3 manieren om het achterwiel aan te drijven.

Allereerst heb je de kettingaandrijving, die net zo werkt als bij een fiets: de beweging wordt op het wiel overgebracht door middel van tandwielen en een ketting. Dit is de meest populaire en meest efficiënte methode. Omdat de ketting wordt blootgesteld aan de buitenlucht vergt hij wel enig onderhoud.

Bij de snaaraandrijving laat een soort riem het achterwiel draaien. Deze is gemaakt van rubber, met een kern van staaldraad of sterke kunstvezel. Sommige choppers, waaronder die van Harley-Davidson, maken gebruik van deze geluidsarme methode.

Tenslotte kan de motorbeweging ook door een systeem van gekoppelde assen op het wiel worden overgebracht: de zogenoemde “cardanaandrijving”. De meeste BMW's en Moto Guzzi's zijn hiermee uitgerust. Doordat de cardanas geheel afgesloten is, gaat hij lang mee, vergt hij in principe geen onderhoud en is de aandrijving ongevoelig voor de invloeden van weer, modder of zand.

Wielen en banden

Vroeger waren de wielen van motorfietsen voorzien van spaken die door het velgbed steken, net zoals bij een fiets.

Tegenwoordig worden meestal gegoten wielen toegepast, of wordt gebruikgemaakt van zogenoemde “kruisspaken”. Dit is een vinding van BMW, waarbij de spaken aan de velgrand (en dus niet meer in het midden van de velg) worden bevestigd.

De banden vormen het raakpunt met de weg. Materiaal, profiel en breedte hebben invloed op je stuur- en remvermogen en je grip op de weg. Gietwielen en kruisspaken maken het gebruik van tubeless-banden (banden zonder binnenband) mogelijk.

Vering en demping

Het veersysteem en de schokdempers zijn essentiële elementen van je motorfiets als het gaat om comfort en controle. Anders zou je elke oneffenheid voelen en zou je bij hobbels gemakkelijk het contact met – en dus de grip op – de weg verliezen. Door het inveren van de veren in de voor- en achtervork worden die schokken geabsorbeerd, waardoor je er veel minder van merkt. De demping zorgt ervoor dat de veren vervolgens niet bijna net zo hard weer uitveren; anders zou je na elke hobbel op je motor zitten te stuiteren.

Remmen

Vroeger waren motorfietsen gewoonlijk voorzien van velgremmen: hierbij worden remblokjes tegen de velg aangeduwd, waardoor het voertuig wordt afgeremd. Het is een principe dat je vandaag de dag nog op vrijwel elke racefiets tegenkomt, maar dat inmiddels al lang niet meer gebruikt wordt bij motoren.

De trommelrem, waarbij de remschoen tegen een komvormige trommel op het wiel wordt aangedrukt, wordt hier en daar nog wel toegepast. Verreweg de meeste moderne motorfietsen zijn echter uitgerust met schijfremmen. Hierbij draait een schijf met het wiel mee en wordt er geremd door een remklauw tegen deze schijf aan te drukken.

Bediening

De bedieningselementen van een motor bevinden zich op en rond het stuur en bij de pedalen. Vandaag de dag worden eigenlijk alle motoren op min of meer dezelfde wijze bediend. Starten doe je met een drukknop aan de rechterzijde, om gas te geven draai je aan de gashendel aan de rechterkant van het stuur, schakelen doe je met de linkerpedaal en om te remmen maak je gewoonlijk gebruik van een hendel rechts aan het stuur (de voorrem) en van het rechterpedaal (achterrem). Door middel van knoppen op het stuur bedien je de richtingaanwijzers en claxon.